maandag 11 juli 2011

De Martelaere's kritiek op Camus' visie op zelfmoord

Tijdens de examenbewaking in het GTI heb ik mij nog eens verdiept in de Martelaere's 'Een verlangen naar ontroostbaarheid'. Daarin schrijft zij de bijzonder accurate bedenking dat de zelfmoordenaar het leven niet zinloos vindt, maar dat hij gewoon geen zin heeft in het leven. Hij moet niet koste wat kost 'volharden in de boosheid', en het leven lijden tot elke prijs. Zij benadrukt dat zelfmoordenaars niet per definitie haveloze betekenisloze figuren zijn, maar refereert nogmaals naar Sylvia Plath, een bijzonder begenadigde taalvirtuoze vrouw, die er toch het bijltje bij heeft neergelegd. Camus beweert dus dat het een zaak van levensbelang is, om tóch, ondanks de absurditeit die je om de oren slaat, te volharden, mits een onophoudelijke alertheid jegens het absurde aan de dag te leggen, en er niét mee in te stemmen. Beide zienswijzen stemmen tot nadenken. Verder stipt de Martelaere ergens aan dat de keuze, om een denker als Camus in eindverhandelingsvorm te gieten, systematisch ontmoedigd wordt in academische kringen, omdat hij geen zogenaamde 'systeemdenker' is. E. Vermeersch zegt dat hij geen systeemdenker is, omdat hij daar te lui voor is, dat hij alleen heeft bijgedragen tot het maatschappelijk debat.

Geen opmerkingen: